Artrose: Wél pauzeren, niet stilzitten

Dini Doorn kan ondanks haar artrose zoveel meer dan een tijdje geledenDini Doorn (58) uit Meppel hoorde drie jaar geleden dat ze artrose heeft in haar handen. Eigenlijk had ze al dertig jaar last van pijnlijke gewrichten. ‘Onze jongste kon ik moeilijk op de arm houden en die is nu 34.’ Erover praten doet ze niet vaak; klagen al helemaal niet.

Dini Doorn houdt van wandelen, sporten, gitaarspelen en schilderen. En ze is gek met haar zes kleinkinderen. Maar na twee operaties aan enkele wervels in haar nek en rug, en door de artrose in haar handen, kan ze lang niet alles wat ze zou willen. De gitaarlessen waar ze zo van hield, moest ze afbreken. ‘Het ging gewoon echt niet.’ Met de schildercursus is ze tijdelijk gestopt. ‘Na die twee uur les had ik soms twee dagen pijn. Maar binnenkort ga ik een cursus van zes korte lessen proberen. Als dat niet gaat, schilder ik maar gewoon thuis – telkens een half uurtje.’

Oppassen op de kleinkinderen is moeilijk. ‘Ik kan ze niet meer tillen’. Na drie jaar is ze gestopt met haar werk als verkoopster van huidverzorgingsproducten. Het werd te zwaar om de spullen in en uit de auto te tillen. ‘Het gaf te veel stress en het kostte me te veel energie.’ Toch laat
Dini zich niet uit het veld slaan. ‘Ik blíjf proberen. Lukt iets niet, dan denk ik: oké, jammer. Maar niet zeuren. Ik ben al blij dat mijn lijf is zoals het nu is. Ik kan zoveel meer dan een tijdje geleden.’

Ze heeft leren incasseren. ‘Het is voor mij niet meer zo vanzelfsprekend om iets te kunnen. Als het dan toch lukt, geniet ik er extra van. Andere mensen zijn vaak gestrest. Ze hollen en vliegen; ik kan dat niet. Door artrose heb ik een rustiger leven gekregen. Ja, dat zou je een voordeel kunnen noemen.’

Kussentje
Dini’s ziekte gaat niet meer weg. Artrose is een chronische aandoening. Het is een vorm van reuma die maakt dat het kraakbeen tussen de gewrichten dunner en zachter wordt. Dat kraakbeen is een beschermend kussentje tussen de gewrichten. Verdwijnt het, dan gaan de botten tegen elkaar schuren en dat doet meestal pijn. Bij de één een beetje en maar af en toe, bij de ander hevig en bijna de hele tijd. Het bot probeert zelf de schade te herstellen door ‘dikker’ te worden. Daardoor ontstaan aan de randen van het bot aangroeisels die ook pijn kunnen veroorzaken. Soms ontsteekt een gewricht en
vormt het vocht. Dan wordt het hele gewricht dik en stijf.

Blijven bewegen
Artrose komt het meest voor in de nek, onderrug, knieën, heupen, duimen, vingers en grote tenen. In Nederland hebben 1,2 miljoen mensen er last van. Omdat het ook wel ‘slijtage’ wordt genoemd, denken mensen vaak dat artrose een ouderdomsziekte is. Dat is het niet. Ruim de helft van de mensen met
reumatische klachten is tussen de 40 en 64 jaar en de ziekte komt ook bij jongeren voor. De oorzaak van artrose is niet precies bekend.

Verschillende factoren spelen een rol; te zware belasting door veel sporten bijvoorbeeld. Maar ook overgewicht kan een oorzaak zijn, of een vroegere blessure of botbreuk. Erfelijke aanleg bestaat ook. Bij Dini zitten reumatische aandoeningen in de familie. ‘Mijn moeder had heel erge reuma.’ Er is (nog) geen geneesmiddel tegen artrose, maar er is veel tegen te doen. Met paracetamol, ontstekingsremmers of smeermiddelen zoals Voltarén zijn de pijn en zwelling van gewrichten te bestrijden. Een ergotherapeut kan je leren om beter te zitten, staan, tillen of bukken. Deze deskundige heeft ook tips
voor kleine aanpassingen in huis en voor het gebruik van hulpmiddelen.

Bij overgewicht – een verergerende factor bij artrose – is het zaak om af te vallen. Op een verantwoorde manier, dus niet door te weinig of te eenzijdig te gaan eten. Daarover kan een diëtiste adviseren. Voldoende en goed bewegen werkt ook: fysiotherapeuten geven advies over een goede lichaamshouding en ze helpen bij het trainen van de spieren en de conditie. Beweging is de belangrijkste bondgenoot in het bestrijden van de vervelende gevolgen van artrose, zegt Sjouk Buurman. Ze is specialistisch verpleegkundige op de reumapoli van twee ziekenhuizen. ‘Mensen met artrose hebben juist de neiging om minder te bewegen, omdat het pijn doet. Maar dan worden je gewrichten stijver en kan de artrose erger worden: je krijgt juist meer pijn. Blijven bewegen – wandelen, fietsen, zwemmen – is heel belangrijk, want dat zorgt voor goede doorbloeding van het weefsel. Maar wel zó bewegen dat je je niet óverbelast. Het is de kunst om de gulden middenweg te vinden.’

Reflex
Het belang van inspanning met een lichte intensiteit is al jaren bekend. Recenter is het inzicht dat ook óntspanning helpt. Sjouk Buurman: ‘Ontspannen blijkt minstens zo belangrijk als beweging. Ontspanning zorgt voor maar liefst 40 procent betere doorbloeding.’ Net zoals je kunt leren goed te bewegen, kun je ook leren goed te ontspannen, zegt Sjouk. ‘Het is een reflex van het lichaam om de spieren aan te spannen. Ontspannen gaat niet automatisch; dat moet je bewust doen. Dus pauzes nemen. Niet vijf minuten, maar een kwartier, een half uur. En niet pas als al het werk is gedaan, zoals veel mensen doen, maar tussendoor. Eén of twee uur iets doen en dan een half uur ontspannen. Met artrose moet je leren doseren, je energie verdelen. Lastig, maar het helpt wel.’ Dini kan dat beamen. ‘Ik wist het al, maar het ook dóén is iets anders. Toen ik er met Sjouk over sprak, realiseerde ik me dat het gewoon niet lukte, doordat ik mijn agenda te vol propte. Sjouk adviseerde me voor de ene week afspraken te maken en voor de week erna niet. Het werkt prima voor mij. Die tweede week heb ik echt nodig om bij te komen. Artrose is een lastige ziekte, maar er is mee te leven.’

Lees ook het verhaal van Anne van der Waall uit Zaandam: 'Anne kan weer uit de voeten'.
Lees ook het verhaal van Ellie Brouwer uit Barneveld: 'Ellie maakt er wat van'.

 
"Ik kan zoveel meer dan een tijdje geleden."